Teveel nijlganzen? Er zijn vooral teveel mensen

Eerst importeren we nijlganzen als siervogels en stoppen ze in kooien van collecties en parken. Als we er genoeg van hebben, laten we ze los, waarna we ze proberen uit te roeien. Net als muskusdieren, grijze eekhoorns, rivierkreeften. Het lijkt mij dat hier niet goed over is nagedacht. Ik zou zeggen: draai eerst eens de kraan dicht. Verbied alle commerciële import en export van dieren en handhaaf daar hard op. Maar wat ik vooral niet begrijp, is dat ambtenaren en jagers voor veel geld een oorlog voeren tegen dieren die er zelf nooit om hebben gevraagd om naar Europa te worden verscheept en hier niks anders doen dan overleven. Dieren die veel beter dan wij weten waar ze mee bezig zijn. Hoe harder ze worden bestreden, hoe harder ze zich voortplanten. Komt nog eens bij dat nijlganzen snel en wendbaar zijn, en jagers prutsers. Ze raken dieren zelden in kop of borst, dieren bloeden langzaam dood. Dierenmishandeling is verboden. We zijn verplicht om voor alle dieren om ons heen te zorgen. Bekijk eens het grote plaatje. Nijlganzen zitten vooral bij sloten en vijvers, maar ze komen ook af op graslanden voor koeien . Zet eerst dat grasfalt nou eens om in voedselbossen. Een teveel aan wilde dieren is een jagersfantasie. Er zijn vooral teveel mensen, wij nemen teveel ruimte in. Stop met fröbelen aan de natuur, die vindt vanzelf een nieuw evenwicht.

Jeroen Siebelink – Schrijver en onderzoeksjournalist

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *